woensdag 10 juni 2009

Maandag 8 juni.


Weer vroeg op pad, half tien rijden we weer. We worden een beetje zat van steeds maar weer door eindeloze bossen en langs heel veel meren te rijden, dus sturen we richting kust, de Botnische golf.

Op een parkeerplaats waar we stoppen zien we het begin van een wandelpad. Die lopen we een eindweegs na. We moeten toch ook zo nu en dan enige beweging nemen. Het is een pad van houten vlonders dat door een moerasgebied langs de rivier is gelegd. Erg vermoeiend omdat we steeds de ogen op het pad gericht moeten houden. Eén misstap en je ligt ernaast. Ook zijn de balkens spekglad. Onderweg zie ik iets wat ik nog nooit eerder heb gezien. Tientallen bomen zijn omgeknaagd door bevers. Grote spaanders liggen er naast.

Verder is het deze dag de dag van Diny, al rijdend in die grote nieuwe camper. Het moest er toch eens van komen en dat gaat natuurlijk prima.

Tegen een uur of 8 ’s avonds rijden we een zijweg in richting kust en we vinden een plek op de parkeerplaats van een natuurgebied aan een doodlopende weg naar een gehucht genaamd Langron. En weer volgen we een mooi natuurpad dat ons naar het water leidt. En daar zien en horen we kraanvogels, ook altijd weer bijzonder.

Wat ook zo bijzonder is zijn de muggen die daar ook zijn. Zolang we blijven lopen, gaat het nog. Maar zodra we even stilstaan om wat moois te bekijken, worden we lek geprikt. We moeten héél snel de camper binnen glippen om de bloeddorstige horde tegen te houden. En nog moeten we met de mepper rond.